COPD-patiënt Theo Theunisz: “Niets doen was geen optie.”

Leven met een chronische aandoening aan de luchtwegen. Voor Theo Theunisz (69) is het van jongs af aan dagelijkse realiteit. Als kind ontluikte bij hem al de eerste vormen van COPD. Hoewel het geen vreemde openbaring was binnen zijn familie (zowel zijn vader als alle zes diens broers kampten met de aandoening), is het nog steeds wennen.
 
Theo is vooral gevoelig voor prikkels, die bijvoorbeeld vrijkomen bij parfums,  schoonmaakmiddelen en vochtig weer. Maar zijn allergrootste probleem is de overgevoeligheid voor rook. Als kind hoefde Theo zelden geneesmiddelen te gebruiken. Bij slecht weer was het wel altijd raak, dan werd hij flink verkouden of kreeg griep. Reden om bijvoorbeeld al vroeg met veldvoetbal te stoppen. “Als scheidsrechter heb ik nog op een aardig niveau gefloten, maar ook dat ging op een gegeven moment niet meer. Ben ik nog een paar jaar handbalscheidsrechter geweest, maar ja, dat is toch anders hè.”

Stoppen met werken
Helaas moest Theo op 55-jarige leeftijd stoppen met werken. Hij was als logistiek manager bij een mengvoederfabriek nou eenmaal verantwoordelijk voor het goed functioneren van een afdeling waar jaarlijks het transport van ca. 2,8 miljoen ton goederen per binnenschip, spoor en vrachtwagen gerealiseerd moest worden. En zo zat hij op een dag thuis. Maar op advies van huis- en longarts stortte hij zich op vrijwilligerswerk. “Niets doen was geen optie voor me”, zegt Theo.